• Erfrecht algemeen

    Iedereen krijgt een keer te maken met het erfrecht.

    De wet geeft vastomlijnde regels over erfenissen, bijvoorbeeld wie de erfgenamen zijn, welke keuze een erfgenaam kan maken, hoe de erfenis moet worden afgewikkeld.

    Dit is afhankelijk van de privéomstandigheden van de overledene.

    Het wettelijk erfrecht is van toepassing als er door de overleden persoon geen testament is opgemaakt.

    Door het opmaken van een testament kan het wettelijk erfrecht vervangen of aangevuld worden.

    Erfgenamen volgens de wet

    Allereerst wordt in de wet bepaald wie de erfgenamen zijn van een overledene.

    De wet kent verschillende groepen erfgenaam. De familieband is daarbij van belang. De wet kent namelijk verschillende groepen erfgenamen, die in volgorde erven. Zijn er erfgenamen aanwezig in een eerdere groep, dan erft een volgende groep niet meer.

    De volgende groepen worden onderscheiden:

    1. langstlevende echtgenoot en kinderen;
    2. de ouders samen met broers en zusters,
    3. de grootouders; en
    4. de overgrootouders.

    De eerste groep wordt gevormd door de echtgenoot (of geregistreerd partner) en de kinderen. Deze zijn samen en ieder voor gelijk deel erfgenamen. Daarbij geeft de wet extra regels over de verdeling van de erfenis. De uitleg daarover vindt u hier.

    Komt een langstlevende echtgenoot (of geregistreerd partner) te overlijden en zijn er kinderen, dan zijn die kinderen samen en voor gelijk deel erfgenamen.

    Zijn er geen kinderen en is er een langstlevende echtgenoot (of geregistreerd partner) dan is de langstlevende de enig erfgenaam.

    Een ongehuwde partner komt dus niet in dit rijtje voor, en is dus nooit erfgenaam op grond van de wet. Daarom is het van belang in die situatie een testament op te maken.

    Is er geen langstlevende echtgenoot (of geregistreerd partner) en zijn er geen kinderen, dan erven de ouders, broers en zusters, voorzover aanwezig, in principe ieder voor gelijk deel. De ouders erven in afwijking daarvan ieder minimaal ¼.

    Zijn er ook geen ouders, broers of zusters (of kinderen daarvan) aanwezig dan vererft de erfenis nog verder in de familie.

    Is een erfgenaam vóóroverleden, dan komen de kinderen meestal voor die persoon in de plaats. Dit wordt ook wel plaatsvervulling genoemd. De wet gaat automatisch uit van plaatsvervulling. In een testament moet de plaatsvervulling uitdrukkelijk worden opgenomen.

    Plaatsvervulling kan ook van toepassing zijn bij bijvoorbeeld verwerping of onwaardigheid.

    Door het opmaken van een testament kan worden afgeweken van het wettelijk erfrecht.

    U kunt bijvoorbeeld de kinderen van de wet afwijkende erfdeel toekennen of iemand toevoegen of uitsluiten als erfgenaam.

    De wet geeft echter aan een kind een minimum erfdeel, de zogenaamde legitieme portie, en een langstlevende diverse gebruiksrechten ter bescherming (de zogenaamde wettelijke rechten).

    Keuzes erfgenaam

    Een erfgenaam heeft drie mogelijke keuzes voor het wel of niet aanvaarden van een erfenis. Voor verdere informatie daarover klik hier.

    Het is erg belangrijk dat een erfgenaam weet wat de gevolgen van de keuzes zijn. Een verkeerd gemaakte keuze kan grote gevolgen hebben.

    In het uiterste geval kan een erfgenaam worden verplicht de schulden van een negatieve nalatenschap te voldoen, terwijl dit door op de juiste manier te handelen kan worden voorkomen.

    Eenmalige keuze

    Een keuze is slechts eenmalig te maken.

    Een eenmaal (al dan niet stilzwijgend) gemaakte keuze kan normaal gesproken niet terug worden gedraaid.

    Een goed advies hierover kan een hoop narigheid voorkomen. Ik adviseer een erfgenaam bij twijfel zo snel mogelijk contact op te nemen om de keuze vast te leggen.