• Langstlevende regelingen (testament)

    Als iemand komt te overlijden met achterlating van een langstlevende partner en kinderen, is de bescherming van de langstlevende belangrijk.

    In het huidige erfrecht is dit in de wet geregeld voor gehuwden en geregistreerde partners. Deze regels worden aangeduid als wettelijke verdeling.

    Vroeger was dit anders. De bescherming werd om die reden vaak geregeld in een testament bij de notaris. Vaak wordt dit aangeduid als "regeling op het langste leven". 

    Ongehuwde partners (die ook geen geregistreerde partners zijn) worden niet door de wet beschermd. In die situatie is een testament waarin een soortgelijke regeling wordt vastgelegd onmisbaar.

    Er zijn echter verschillende vormen waarop dit geregeld kan worden, die hieronder nader worden uitgelegd.

    Wettelijke verdeling

    Bij de wettelijke verdeling komt de gehele erfenis (goederen en schulden) automatisch toe aan de langstlevende partner. De wettelijke verdeling is van toepassing als er geen testament is, maar deze kan ook in een testament worden overgenomen.

    Omdat deze dan meer verkrijgt dan het erfdeel ontstaat een schuld van de langstlevende aan de kinderen. Om de langstlevende niet in de problemen te laten komen, is bepaald dat deze vorderingen van de kinderen pas opeisbaar zijn bij het overlijden of faillissement van de langstlevende partner.

    In een testament kunnen deze opeisbaarheidsgronden worden uitgebreid. Denk daarbij aan een hertrouwen of onderbewindstelling van de langstlevende partner of het moeten interen op het eigen vermogen vanwege de vermogenstoets in een zorgwet.

    De wet geeft een ontsnappingsmogelijkheid. Als (meestal om fiscale reden, besparing van overdrachtsbelasting) de langstlevende de wettelijke verdeling niet wenst, dan kan deze worden ongedaan gemaakt (binnen 3 maanden na het overlijden).

    Alternatieven wettelijke verdeling

    Voor ongehuwden is de wettelijke verdeling niet beschikbaar. In die situatie worden soortgelijke regelingen vastgelegd, die erg lijken op de wettelijke verdeling.

    Bij voorbeeld door de langstlevende partner tot enig erfgenaam te maken, en daarbij aan de kinderen een niet opeisbaar bedrag te legateren ter grootte van hun erfdeel. Ook wordt wel de zogenaamde quasi wettelijke verdeling toegepast. De langstlevende partner heeft dan het recht een verdeling vast te leggen overeenkomstig de wettelijke verdeling.

    Waar de wettelijke verdeling automatisch werkt, is bij de alternatieve regelingen een gang naar de notaris nodig om een en ander goed vast te leggen.

    Tweetrapsmaking

    De laatste jaren is de zogenaamde tweetrapsmaking steeds populairder geworden. Dit testament wordt ingezet om bij het eerste overlijden geen erfbelasting te hoeven betalen. Dit werkt alleen als het vermogen van de erfenis onder de vrijstelling voor de langstlevende partner blijft. 

    De langstlevende partner krijgt namelijk alle goederen en schulden als erfgenaam. De kinderen zijn geen erfgenaam bij het overlijden van de eerste ouder, en daardoor is door de kinderen op dat moment ook nog geen erfbelasting verschuldigd. Het totale vermogen vererft naar de kinderen op het moment dat de tweede ouder komt te overlijden (de kinderen zijn de verwachters). Voor de erfbelasting wordt de verkrijging in 2 delen gesplitst, een deel dat wordt verkregen van de eerst overleden ouder, en een deel dat wordt verkregen van de langstlevende partner. 

    Omdat de langstlevende partner in eerste instantie het gehele vermogen verkrijgt, is het goed stil te staan bij de rechten en plichten van de langstlevende partner, alsmede de gewenste gevolgen bij bijvoorbeeld hertrouwen of faillissement.

    Bij de tweetrapsmaking is het van belang goed (jaarlijks) vast te leggen op welk vermogen de tweetrapsmaking van toepassing is, en hoe hoog het eigen vermogen van de langstlevende partner is. Deze extra administratie wordt soms als een nadeel van de tweetrapsmaking genoemd.

    Door de bijzondere regeling is veelal bij het eerste overlijden geen erfbelasting verschuldigd, maar bij het tweede overlijden vaak in totaal wel meer erfbelasting dan bij de wettelijke verdeling het geval zou zijn.

    Administratie bijhouden  / Rente afspreken

    Het is in alle gevallen verstandig vast te leggen wat de omvang van de erfdelen van de kinderen is. Ook al krijgen de kinderen nog geen geld in handen, op dat moment kan er al wel erfbelasting verschuldigd zijn.

    Van belang is daarbij goed vast te leggen of en welk percentage rente over de vorderingen wordt vergoed. Afspraken over deze rente zijn slechts onder voorwaarden te maken en aan een termijn gebonden (meestal binnen 8 maanden na het overlijden).